|
( Uitgave
polderheem 1982 )
Op
het Solft staat de Berepaal. Men
heeft wel eens de neiging hem te betitelen als schandpaal.
Hij
is echter van een andere soort uit de kleine monumenten: een
Groot-Nederlands monument. Immers
in 1819 werd het gemeentewapen door Koning Willem I aan Berendrecht
toegekend en het inspireerde het gemeentebestuur om het een gestalte te
geven onder de vorm van een origineel monument: een zittende beer boven op
een kolom en houdende het wapen van Berendrecht tussen zijn poten. Hij werd in
1820 vóór het oude gemeentehuis opgericht. Maar tijdens
de Belgische Omwenteling kwamen opstandelingen van uit Stabroek paal en
beer omverwerpen... Beotiërs! De paal
verdween onder een laag aarde en de beer werd meegenomen naar Stabroek,
waar hij in een varkenshok belande.
Omstreeks
1877 kwam de paal weer aan de oppervlakte, toen spelende kinderen hem
blootlegden bij het baantje - glijden. Hij
lag wel een honderdtal meter van zijn oorspronkelijke basis verwijderd. Toen
werd de beer door Stabroek teruggegeven en werd het monument uit het
Verenigd Koninkrijk op het Solft geplaatst. Lang
heeft de beer niet op de paal gestaan, want na een fuifpartij klom een
dorpeling in de paal tot bij de beer en beiden stortten naar omlaag. Toen
begon er voor de beer een nieuwe zwerftocht.
Hij
belandde op de Frederik, waar hij als bescherming dienst deed aan een
huisgevel. In
1933 bleken er andere Beotiërs op te dagen, die de paal wegwilden; hij
hinderde het verkeer voor... fietsers!
Hij
ging over in privaat bezit en zeker zou het Groot-Nederlands monument nog
enkel op een oude prentkaart te zien geweest zijn, indien C. Adriaenssens,
die zich interesseerde aan Berendrecht -getuige zijn uitgave "
Geschiedenis en Merkwaardigheden van Berendrecht " - hem niet
ter beschikking van het gemeentebestuur had gehouden, samen met de beer,
die hij ook had kunnen terugkrijgen. In 1953 kwam
men blijkbaar tot betere gevoelens, want sindsdien staat de berepaal op
zijn vertrouwde plaats, op het Solft. In 1957
ontwaakte de beer eens met een doek om zijn kop, met het bordje "
ziek ". Een andere
maal kon men lezen " Ik ruik stadslucht ". Hij werd het
symbool van een gemeenschap die zich verzette tegen het oorspronkelijk
plan van havenuitbreiding, waarbij men van gans Berendrecht een
havengebied zou maken, een dorp dat zou ingenomen worden door het havendok
D 7. Bij de nietigverklaring van dit plan werd een symbolische doodskist met het plan
plechtig begraven vóór de paal. Toch heeft de
beer moeten berusten in het feit, dat hij in 1958 aan de goede zorgen van
Antwerpen werd toevertrouwd.
|