|
uitgave: polderheem
1982
HET
KASTEEL
De familie van Delft,
van Noord-Nederlandse afkomst, had reeds bezittingen in de 17e eeuw,
gelegen op de plaats thans nog “ Kempenhoek " geheten. E.H. Gerardus van
Delft, kanunnik van Kamerijk, geboren te Antwerpen in 1624, heeft deze
goederen geërfd van zijn vader, Jean van Delft. Hij bezat een
jachtpaviljoen, waarvan men niet weet of het tot de erfenis behoorde of
hij het zelf liet optrekken, waar hij af en toe enkele dagen verlof kwam
doorbrengen. Dit buitenverblijf
bestond toen uit de toren met de zuidelijke vleugel. Na zijn dood kwam het
in 1692 aan zijn broer Jean-Baptist, raadslid en buitengewoon schatmeester
van Antwerpen, welke er de noordelijke vleugel deed aanbrengen.
Een goede halve eeuw
geleden liet de toenmalige eigenaar, Jonkheer Louis van Delft, tegen de
zuidelijke vleugel nog een bijgebouw optrekken zonder verdieping. Op het
gelijkvloers zijn er vier ruime kamers met een gang onder de toren, alsook
de keuken in het bijgebouw. Op de
bovenverdiepingen bevinden zich ruime mansardekamers. Op de
zoldering van de toren wordt het uitgebreid archief bewaard van de familie
van Delft. In de eetkamer
bevindt zich een zeer oud kerkgestoelte waarvan datum en oorsprong
onbekend zijn, een geblinddoekte vrouw voorstellend waaronder een banderol
met inscriptie “ Regtveerdigheyt ". In de brede
gang staan nog twee oude kerkgestoelten van de parochiekerk gebeeldhouwd
in 1749 door Johannes Peeters uit Turnhout. Tijdens de
woelige jaren van de Franse Revolutie en de beeldstormerij, toen de
uitoefening van de eredienst in onze gewesten verboden was, werden er in
dit kasteel regelmatig geheime godsdienstoefeningen gehouden en werden er
zogeheten “ zwarte missen “ gecelebreerd. Het kasteel en het
domein hebben in de loop der tijden steeds toebehoord aan de familie van
Delft, waarvan er verschillende een openbaar ambt hebben bekleed, o.a. ook
burgemeester van Berendrecht. Thans wordt het
kasteel bewoond door Graaf Daniël Le Grelle.
Bekijk
hier
de foto's van het kasteel. |