Berendrechtonline_________________________________________________________________________

 

Oorlogsgeschiedenis

( Uitgave : Polderheem 1982 )

BERENDRECHT IN DE OORLOGSGESCHIEDENIS

KRIJGSRUMOER AAN ZIJN GRENS

Het eerste krijgsrumoer werd in 1357 waargenomen te Zandvliet, niet ver van de nieuwe grens van Berendrecht, op het terrein begrensd door de Zandvlietsestraat, de Bakkerstraat, thans Zoutestraat, de Zoutendijk en de Keyserhoeve. De graaf van Vlaanderen, Lodewijk van Male, wenste na de dood van zijn schoonvader Jan III, hertog van Brabant, over de hem toegewezen bedragen te beschikken, en daar deze bedragen, die Jan III had vooropgezet voor ieder van zijn kinderen -de onechte niet uitgesloten -, aan de hoge kant lagen, kon het niet anders of het moest tot afsplijten leiden van het Brabantse leen. De Vlaamse vloot veroverde Antwerpen, na eerst Oorderen en Oosterweel (Coestelle}, Lillo en Ordam verwoest te hebben. Toen werden ook de dorpen uit het waterland bij het graafschap Vlaanderen gevoegd, waartoe ook Berendrecht behoorde. De meest sombere jaren zouden echter nog volgen, niet alleen voor Berendrecht, maar voor gans de Antwerpse Polder, gans Brabant en de Nederlanden. De bevolking was weerloos overgeleverd aan wat er in de kanselarijen van Parijs, Wenen, Valadolid, Londen of Berlijn door de groten der aarde beslist werd. In de eerste plaats begon het met de tachtigjarige oorlog ,die uitbrak omstreeks 1568. Voordien was er al gewapend verzet en legerbenden zowel van uit Bergen-op-Zoom als van uit andere plaatsen, deden opvorderingen van alle zaken die ze nodig achtten. Zij plunderden de bewoners en namen ze zelfs gevangen om tegen losprijs vrij te laten. Deze periode, de XVe en XVle eeuw, was bijzonder noodlottig voor de polderdorpen en meer bepaald toen Alexander Farnese, de hertog van Parma, Antwerpen voor de Spaanse Kroon wilde terugwinnen. Kapitein Mondragon lag met zijn leger te Berendrecht, Capizucci te Zandvliet en Mansvelt te Stabroek. De legers marcheerden eerst tegen de vesting Lillo, die standhield, zelfs na drie weken belegering. Om Antwerpen te beveiligen had men de Blauwgarendijk doorgestoken. Parma deed de dijken van Berendrecht, Stabroek en Zandvliet doorsteken en 66 jaren bleef de polder drijvende. Tussen 1609 en 1621 schijnt de rust in de polder betrekkelijk goed stand te houden. Op donderdag 9 april 1609 werd te Antwerpen het twaalfjarig bestand getekend. Het was Spinola, die bij Dambrugge de vertegenwoordigers van de Republiek tegemoet trad en ze hoffelijk begroette. Hierdoor was de Republiek een onafhankelijke natie geworden. Hierdoor ligt Berendrecht bij een grens, zij het over een kleine afstand. Na het twaalfjarig bestand volgden nieuwe duistere jaren: het tweede bedrijf van de tachtigjarige oorlog. De voortekens van een nieuwe naderende oorlog zijn overduidelijk hoewel van verschillende aard. Spinola belegert in 1622 Bergen-op-Zoom. Met een lening van bondgenoot Venetië en met in Duitsland gerecruteerde huurlingen " houdt Bergen-op-Zoom zich vroom en stut de Spaanse scharen ". De Duitsers dwingen Spinola tot de aftocht en hij gaat zich nestelen in Zandvliet, waar hij zijn vesting laat bouwen. Elders in de polder waren ook de voortekens goed zichtbaar van een naderend conflict: daar was o.a. de versterking Frederik-Hendrik te Berendrecht. Van uit deze schans werd Zandvliet aangevallen en met succes: een jaar nadat de vesting gebouwd was door de Spanjaarden viel ze reeds in handen van Maurits van Nassau. Hij moest ze echter het volgend jaar weer verlaten, hetzij in 1629. Het is omstreeks 1648 dat er opnieuw een rustige periode aanbreekt, hetzij na het tractaat van Munster, een keerpunt in de geschiedenis der Nederlanden, een lichtpunt voor Befendrecht en de polder. In die periode werd trouwens de kerk van Berendrecht vergroot, waar ook abt Van der Sterre toe bijdroeg, zoals hij ook deed voor de kerk van Zandvliet. Men kon aan herindijking gaan denken. De zwaarste last viel ten deel aan de eigenaars. Een verlichting wordt gegeven onder de vorm van een bijdrage van de tiendeheffers, die de elfde penning betaalden, hetzij ongeveer 10 '%. Er wordt ook gedurende 36 jaar vrijstelling van contributie toegekend en nog meer maatregelen worden genomen, die er alle toe bijdroegen om de polder weer vruchtbaar te maken. Verder kreeg Berendrecht, zowel als de ganse Polder, en meer bepaald Ekeren, hun deel van de Spaanse erfenisoorlog. Alvorens te sterven had Carlos II de opvolging toegewezen aan Philips van Anjou, kleinzoon van Lodewijk XIV, wiens echtgenote een dochter van Philips IV was. Zijn doet was het Spaanse Rijk onverdeeld te behouden. Dat was niet naar de zin van de Habsburgse Karel VI, die ook zijn recht kon doen gelden op de Spaanse Natie, waartoe ook de Spaanse Nederlanden behoorden. Vandaar de oorlog, die gekend is als de Spaanse Erfenisoorlog. Engeland en de Verenigde Provinciën kozen partij voor Oostenrijk en de nefaste gevolgen van de bes1issingen van de grote mogendheden uit die tijd deden zich erg pijnlijk gevoelen te Ekeren, Wilmarsdonk, Muisbroek, Hoevenen en Oorderen, waar er in 1703 slag werd geleverd, de slag van Ekeren. Ook Berendrecht werd met Franse legers geconfronteerd, die van daaruit de vesting Zandvliet beschoten. Deze oorlog eindigde met de vrede van Utrecht in 1713. Oostenrijk kreeg de Zuidelijke Nederlanden. In 1740 stierf Karel VI en werd opgevolgd door zijn dochter Maria - Theresia. Haar troon werd betwist door Pruisen, Beieren, Frankrijk en Spanje, terwijl de Republiek en Engeland haar schoorvoetend steunden. De Oostenrijkse successieoorlog was begonnen. Van uit deze stand van zaken werd weef eens de polder en ook Berendrecht bij het oorlogsgeweld betrokken.   

E G