Berendrechtonline________________________________________________________________________
De overstromingen
Enkele exemplaren van de volksgazet uit 1953 werden mij geshonken voor berendrechtonline door Van Agtmael André |
|
Hier kan u enkele
artikels lezen uit de Volksgazet van 1953 die toen geschreven zijn over de
waterramp in Berendrecht. (! tekst is letterlijk overgenomen) Volksgazet
maandag 2 februari 1953: Zaterdagnacht luiden allerwegen
de alarmklokken in de vlaamse gewesten: Dijken begaven het onbedwingbaar
geweld van de door het giertij opgezweepte water en hectaren vruchtbare
akkergrond en weilanden werden blank gezet. Telefoon en
telegraafverbindingen, electriciteits en gasbedeling werden op sommige
plaatsen geruime tijd gestoord, ganse gemeenten werden afgezonderd, hier
en daar waren er doden te betreuren, alhoewel naar de omvang van de ramp
het aantal gelukkig zeer laag bleef. Maar
daarover staat de millioenenschade die aan de kust, in het Antwerpse en in
de provincies west- en oost- Vlaanderen aangericht werd. In de Antwerpse
haven is de schade vooralsnog onoverzichtelijk, maar zij beloopt in de
tientallen millioenen. In sommige straten heeft het water een hoogte van
een meter bereikt en in de kelders werd een waarachtige ruïne aangericht.
Een derde van het nationaal hulpkorps werd in het Antwerpse ingezet, de
rest verleend bijstand in de kuststreek. Maar niet alleen België werd
geteisterd, ook Nederland, Engeland, Frankrijk, Duitsland kregen hun deel. Burgemeester Verhulst van
Berendrecht aan het woord: Burgemeester Jaak Verhulst stond
weer pal zoals altijd. Omstreeks 3 u zondagmorgen, verteld hij, werd ik
gewekt door landbouwer Louis De Schutter, kort nadien omstreeks 3u30,
verwittigde hij de veldwachter en rijkswachters, die onmiddellijk
ingrepen, om maatregelen te treffen om de 7 à 8 bressen te dempen. Doch
het bleek door duisternis onmogelijk. Dan maar voor eigen behoud gezorgd.
De alarmklokken begonnen te luiden en de gemeentelijke overheid werd
gewekt. In het dorp werd de rijkswacht in alarmtoestand gebracht,
honderdtallen werklieden trokken in de donkeren voorzien van botten en
spade naar het onheil. Zij vochten er uren aan een stuk. Omstreeks 14 u
zondagmiddag was het grootste gevaar geweken. Op een vijf à zestal
plaatsen zagen wij de Antwerpse polder die de schelde geleek, met baren
maar zonder scheepvaart. Nog steeds echter zorgde eenieder voor eigen
behoud. Rond het dorp werden alle waterwegen dichtgelegd. Verscheidene
stuks vee zijn verdronken maar gelukkig zijn er tot nog toe geen
slachtoffers te betreuren. Tijdens de ganse nacht hebben de arbeiders er
de wacht gehouden. Gebrekkige en zieke personen werden van onderwater
gelopen huizen en hoeven afgehaald omdat het Fort Frederick door het water
was geïsoleerd. Er moet in eerste plaats een welverdiende hulde gebracht
worden aan de gemeentelijke overheid en de houding van de rijkswacht en
veldwachter dient vooral onderlijnd. Omstreeks 15u trachtte men de gaping
te stoppen aan het sluisje waarlangs het meeste water binnendrong. 1500 mensen te Lillo afgezonderd: Sedert 36 uren hulpdiensten van
het leger op gang.We telefoneren maandag te 11u uit Berendrecht. Van
minuut tot minuut vallen de telefoonlijnen die tot vorige nacht nog
enigszins betroubaar waren in de polder weg. De watersnood die zondag door
de bressen ontstond, begint nu eerst pas. Tienduizenden hectaren
landerijen en dorpen zijn overstroomd. Lillo is sedert zondagochtend
practisch afgezonderd. Al de telefoonlijnen zijn intussen weggevallen,
niemand van de reddingsploegen te Berendrecht weet nauwkeurig te vertellen
wat er in het noodlottig getroffen
dorp thans geschiedt. Te Berendrecht dat snel overstroomt langs de
wegzijde waren de genietroepen van het 27e uit Hoogboom, de
genieschool te Jambes en het achtste linie uit Antwerpen met een karavaan
hulpcamions en roeiboten aangekomen. Men neemt aan dat te Lillo alleen
meer dan 1500 mensen afgezonderd zijn.De hulpploegen staan nu al 36 uren
in de bros. Polder staat blank: In de weilanden te Hoevenen staat
het water 60 cm hoog. Te Berendrecht zakte
maandagvoormiddag het water naar de kom van de gemeente af.
Rijkswachtcamions zijn begonnen met de evacuatie van de bedreigde
woningen. De families De Weerdt en Develte werden met bootjes gered, dank
zij het optreden van rijkswachters en soldaten. Ook in de stoofstraat
moesten gezinnen dringend geëvacueerd worden. Toestand in polder stabiel: Tegen het middaguur bleek het dat
het gevaar te Lillo en Berendrecht gedeeltelijk geweken was. Er werd een
daling van het waterpeil van 15 cm vastgesteld. Niettemin is aan Blauw
Garen de toestand zeer critiek. De evacuatie met camions en boten duurt
voort. Tot nog toe zouden er twee doden zijn. Te
Berendrecht zag de toestand er zondagavond na het opkomen van het water er
weer heel wat slechter uit. De Stoofstraat en de Olmendreef
stonden blank, en nog maar steeds komt het water opzetten dat
opgejaagd wordt door de striemende wind. Van landbouwer Van Meir werden
drie beesten, van Noteleirs zeven en J Creinen drie dieren vermist. Alle
mensen van De Zoutte werden op de vlucht geslagen met hun dieren.Op de
eerste weg zijn de bressen, geslagen in de dijk. Ook aan De Olmendreef en
aan de tram dringt het water nog maar steeds op. Door douanen werden op
Fort Frederik nog twee personen gered, n.l. Philoméne Quik en haar man
die lam lagen te bed. Zij werden badende door het water gered. De Antwerpse polders onvruchtbaar: Door de overstromingen in de
Antwerpse polders zullen de landbouwers weer hun hard labeur sinds de
bevrijding zien teloorgaan. Het zoute water heeft namelijk de grond
onvruchtbaar gemaakt en van regeringszijde wordt hier ook dringend hulp
verwacht.
Volksgazet
woensdag 4 februari 1953: Merkelijke verbetering in de
Antwerpse polder, grote bressen echter nog niet gedicht: De wegen die zondag en maandag
niet berijdbaar waren zijn nu te gebruiken. Maar bij het inkomen van
Berendrecht weer water. Een
tramrijtuig staat er alleen, en enkele honderden meters moet ge zo wat
door een 30 cm water rijden. Dan naar het huis van burgemeester Verhulst,
onmogelijk hem te bereiken. Het water reikt over onze laarzen, hij is niet
thuis: geëvacueerd. Dan naar zijn tweede verblijf, waar hij ons volgende
vertelde: de grote bres aan de Derde weg brengt het water bij het opkomend
getij nog in de gemeente. De militairen, bijgestaan door een honderd
vijftigtal werklozen van Zandvliet, werken koortsachtig aan het vullen van
zakken zand. De soldaten zijn bezig met palen in de grond te heien om dan
een massa zakken zand in de ruimte te storten en ze voor wegspoelen te
vrijwaren. Zolang de bres niet gedempt zijn, zal Berendrecht nooit
gevrijwaard kunnen worden. Dit is voor wat betreft de ringdijk der
gemeente. Ook de grote bres Antoon Cleiren zal binnen een paar dagen
dichtgewerkt zijn. Daar ook zijn militairen, samen met ruim 100 werklozen,
koortsachtig aan het werk. Elk is er zich van bewust dat het hier gaat om
zelfbehoud, have en goed van hen zelf. Regelmatig worden tientallen
camions met zand aangevoerd, dat een eind door de modder heen gedragen
wordt over de dijk doordat de rijweg ondermijnd en deels weggespoeld zijn.
Het fatale voor de polder in het algemeen en voor de gemeente in het
bijzonder is de zeer diepe bres in de scheldedijk geslagen in de nabijheid
van de suikerfabriek. Zolang die bres niet zal gedempt zijn, blijven wij
blootgesteld aan het scheldewater. Hier moet elk zich van zijn
verantwoordelijkheid bewust zijn en wij doen dan ook een dringend beroep
om zonder uitstel en onverwijl (gezien het gevaar en de dringende nood) de
steeds met vrees bevangen en in ellende verkerende bewoners te helpen.
Hier spelen woorden niet de hoofdrol, geen dagen nog weken van somtijds
langdurige rompslomp der administratie. De brandweer ter plaatse: De brandweerkorpsen van Kapellen en Ekeren zijn dinsdag ter plaatse gekomen om de kelders leeg te pompen. Ook het reinigen van onder water gestane huizen is begonnen. Er hangt een geweldige geur, en er is grote schade. Dringend wordt ingegrepen om het voedsel nog te redden. Ook de wegen werden door werklozen gereinigd, in zoverre het mogelijk was. De bedeling van voedsel werd eveneens ingezet. In de Fabriekstraat aan het Fort Frederick is van het huis van de echtelingen Cleiren de voorgevel ingestort. Andere woningen zijn ondermijnd door het water. Volksgazet donderdag 5 februari 1953: Te Berendrecht is alles afgedampd, dit om de gemeenten Berendrecht en Zandvliet te beschermen, vermits de vooruitzichten van het weer ongunstig zijn. Het hoge tij van woensdagavond heeft te Zandvliet de Bakkerstraat opnieuw blank gezet. Verscheidene hoeven kunnen niet meer bereikt worden, daar het water tot 1.50 m gestegen is. De hoeve van dhr. Clairen die drie km van het dorp ligt, wordt rechtstreeks bedreigt. Men stelt alles in het werk om de 37 dieren te redden die zich daar nog bevinden. Zij worden regelmatig voorzien van voedsel en vers drinkwater. Hagel, sneeuw en bijtende koude bemoeilijkten de reddingswerken. Tot op heden is de gasvoorziening te Zandvliet en Berendrecht nog normaal. Woensdagnamiddag, bij het overbrengen van granen van de boerderij Cleiren , was de boot geladen met zeshonderd kilogram graan, een vrouw en twee redders. De boot voer op een paal. Gevolg: gat in de boot. Men was verplicht het graan overboord te werpen om zinken te vermijden. De vrouw en de twee redders konden nog tijdig aan wal geraken. Men voorzag de mogelijkheid dat vandaag zou gewerkt worden om de grote bressen in de dijk te stoppen. De Stoof-, Kerk- en Fabriekstraten staan nog gedeeltelijk onder water. Verscheidene mensen konden hun woning opnieuw betrekken en het tramverkeer tussen Antwerpen en Berendrecht is hersteld. De toestand te Berendrecht.Het gat in de scheldedijk aan Fort Frederik te Berendrecht is tijdens de nacht vier à vijf maal groter geworden, zodat de breedte thans 60 tot 70 meter bereikt heeft. Op de suikerfabriek waar woensdag kon gewerkt worden, moest donderdag weer alle arbeid worden stopgezet, daar het gebouw terug door het water ingesloten was.
|
|
( Uitgave door: polderheem 1982 ) De
ontwikkeling van Berendrecht had een aanvang kunnen nemen naar het
waterland toe, na het aanleggen van dijken, die de primitieve dammen
vervingen, zo de overstromingen dit niet hadden verhinderd.
Het dorp,
tussen de Dorpsbeek en het Waterland, moest wel een nieuwe vestiging
zoeken op de hogere gronden, wanneer het water van de Schelde have en goed
vernielde. De eerste
dijk werd aangelegd in de elfde eeuw: de Gemeentedijk of Zoutendijk. Daar hij
echter in 1283 begaf, verplaatste de bevolking zich naar hoger gelegen
gronden.
|